fena-in-midden-amerika.reismee.nl

The end is near

Dit wordt het laatste stukje tikwerk van mij. We zitten nu in Antigua en ik vat de twee dagen hier samen.
Woensdag gaan we richting thuis.Donderdag zijn we thuis, dat is allemaal niet zo spannend. (hoop ik tenminste)
Wat hebben we maandag en dinsdag hier in Antigua beleefd.
Het is een oude stad, erg veel ruïnes als gevolg van de aardbeving die ook het einde van het hoofdstad zijn inluidde.
Maandag is er een excursie met een soort van kippenbus. Dit is voor onze Igor ook de eerste keer, en naar zijn reactie te zien zal het zeker niet de laatste keer zijn.
Het vervoer is zoals gezegd een kleine uitvoering van een kippenbus, bankjes staan iets meer uit elkaar, maar voor de rest is het echte spul.
Eerste stop is, hoe kan het ook anders, het kippenbus-busstation. Deze is gesitueerd naast de markt.
Een zee van die bussen, de een nog kleurrijker dan de andere. Er worden wat foto’s gemaakt, en we laten de kans niet schieten om ook bovenop deze bus te klauteren voor een beter overzicht.
Hierna gaan we door naar een werkplaats waar kippenbussen omgekat worden voor gebruik in dit land.
Het is een hoge, donkere schuur volgestouwd met bussen in diverse staat van ontbinding c.q. opbouw.
Het gereedschap is eigenlijk allemaal er simpel, wat zetbanken, een lasapparaat, een compressor, veel slijpschijven en wat handgereedschap.
Toch worden met die eenvoudige middelen complete bussen gestript en weer in elkaar gezet.
Een van de bussen is betrokken geweest bij een ongeluk, een van de voorwielen staat op een heel andere plaats dan de ontwerper bedacht heeft. Chassis ontwricht, veel plaatschade. Maar de monteurs zien daar allemaal geen probleem in.
Beetje slopen, beetje heet stoken, beetje persen en slaan en dan moet ie de weg weer op kunnen.
APK, Arbo en milieuregels lijken hier niet te gelden.
Volgende stop is het Valhalla, niet de bovenwereld waar iedere Maya het over heeft, maar een macadamia farm.
Een veertig jaar geleden opgezet door wat "hippies" uit Amerika, mensen met het hart op de juiste plaats.
Het is niet alleen een macadamia-farm, maar ook een project om andere mensen een betere toekomst te geven.
Ze delen eten van hun bomen uit aan arme boeren, deze kunnen met de opbrengst van de noten hun leven ietwat verbeteren.
Daarnaast schijnt macadamia een tovernoot te zijn, vol met omega-zuren, vet, olie, koolhydraten. Wat zou een mens nog meer willen hebben dan dit. We ontmoeten een van de oprichters, een vrolijk ouder mannetje die vol zit met grappen, maar zich wel erg veel zorgen maakt over de klimaatverandering. Bomen bloeien nu op tijden waarop ze dat niet behoren te doen, de regen komt of niet of op heel andere tijd dan normaal was. Hij ziet het klimaat nog in zijn tijd hier op de aardkloot in elkaar storten, en hij is nu 76.
We bekijken de farm, men heeft hulpmiddelen die eigenlijk door ieder ietwat handige boer in elkaar te zetten zijn. Ook weer zo'n dingetje om mensen de gelegenheid te kunnen geven om hun eigen toekomst te kunnen maken.
Na de farm gaan we naar een jadefabriekje, hier wordt alles op een iets eenvoudiger gedaan dan in de fabriek in Antigua.
Wederom kleine uitleg en dan door naar de toonkamer. Er worden goede zaken gedaan. Een mooi groot masker wisselt van eigenaar. De man die het gemaakt heeft is zichtbaar geëmotioneerd.
Een deel van de opbrengst wordt geïnvesteerd in de lokale gemeenschap.
Na het jade een bezoekje aan een kleine wijnmakerij. Men maakt daar wijn door suikersiroop te koken met allerlei vruchten.
Ook dit is een lokale coöperatie, de opbrengst helpt meerdere gezinnen.
Als besluit bezoeken we een chocoladewerkplaatsje. Ook weer een plaatselijk iets
Hier is het de bedoeling dat we zelf wat chocolade bereiden om chocowater mee te kunnen maken.
De Maya's gebruikten al chocolade, maar deden dit op een andere manier dan wij. De chocolade bonen werden gerijpt, geroosterd, gepeld en dan in zijn geheel fijn gerold tussen een verwarmde stenen plaat en een roller.
Daarna werd dat gemengd met peper en wat honing opgelost in warm water. Uiteraard was dat weer een drankje voor de elite.
Voor ons is de peper vervangen door veel suiker. Smaakt goed, we krijgen onze eigen plak mee voor thuis.
Al met al was het een afwisselende excursie.
De rest van de dag en de daaropvolgende dag wordt gebruikt om uit te rusten en om de plaats te verkennen.
We gaan weer richting kippenbussen, de grote overdekte markt in. Onvorstelbaar, allemaal kleine kraampjes of geen kraampjes. Vlees wordt hier bij voorkeur ongekoeld bewaard en verkocht, groentes komen zo van het land.
Er is hier echt van alles te koop van eten tot pannen, van kleren tot van die poppen die je stuk slaat.
Daarna zakken we af richting binnenstad.
Antigua is een oude stad, koloniaal van opbouw, veel oude huizen met grote patio’s. Aan de buitenkant niet veel te zien, aan de binnenkanten des te meer. Restaurants, galeries en hotels zijn daar te vinden.
Er worden enkele kerken bekeken, we gaan naar de ruïnes van een oud klooster waar een tres chique hotel in gesitueerd is.
Grote tegenstellingen.
Vanavond onze laatste maaltijd met de groep, uiteraard exclusief onze verstekeling.
We nemen dan formeel afscheid van Igor, onze gids. Hij heeft ons op een onnavolgbare wijze over de pan-american-highway door zes landen geloodst. Ik zou willen dat iedere gids zo'n drive had.
Morgen gaan wij nog even in Guatemala-stad wat poppetjes scoren voor onze Belgische. Igor heeft ze gespot, maar dorst ze niet mee te nemen. Voor ons nog een leuke besteding van de extra tijd die we moeten doorbrengen voor ons vliegtuig vertrekt
We vertrekken woensdagnacht om 3:00 met de groep vanuit het hotel, hun vliegtuig gaat 6:00, dat van ons om 11:00.
31 dagen uit en thuis is lang genoeg geweest en toch omgevlogen.
We hebben het met deze groep getroffen, bijna iedereen deed sociaal mee, humor lag overal bovenop.

Het is goed geweest zo.



Afterlife

Vandaag dus de verplaatsing van Panajachel naat Antigua. Daar zullen we de laatste nachten in Midden-Amerika doorbrengen.
Onderweg zullen we nog stoppen Chichicastenango, wat zoveel betekend als plaats met veel brandnetels.
Nog even een terugblik op gisteren.
Naast ons was een bruiloft of zo aan de gang, en dat met groot orkest. Niet zozeer van naam en kunnen, maar meer van volume. Het feest begon al in de middag en was nog bezig toen wij terugkwamen van eten.
Eten was weer bij de Uruguees, dus goed. Na het eten een kopje koffie met een lekkertje bij een koffietentje. Hadden we gisteren ook gedaan en er liep toen ook al een soort van oude hippie rond. We kwamen gisteravond dus met hem in gesprek.
Nederland is altijd dichterbij dan je zou denken. De man sprak een soort van Prins Bernard Nederlands. Bleek uit Ierland te komen en werkte al jaren in Amsterdam in de zorg. Had, met dank aan Rutte zoals hij zei, deelgenomen aan de levensloopregeling. Deze was hij nu in twee jaar aan het opnemen. Hij had een Triumph-motor en was in Alaska begonnen met als doel Argentinië. Hij was nu 9 maanden onderweg. Leuke en humorvolle man, maar volgens mij moet je dat ook wel zijn wil je in de zorg kunnen overleven.
Teruggekomen was het feest nog in volle gang. Een afschrikwekkend beeld met de vorige nacht in gedachten.
Hotels zijn in het algemeen niet van de meest luxe soort, en dan druk ik met voorzichtig uit.
Dit hier is een kleine kamer zonder airco, zelfs zonder vin. Bed is ook erg klein, badkamer is sub-par.
Ligging is redelijk buiten het centrum. Wordt allemaal heel mooi in de reisomschrijving verwoord, maar daar hebben die mensen ook voor gestudeerd. Komt ook voor dat het hotel buiten alle voorzieningen ligt en dat je dus voor alles aan dat hotel gebonden. Dan bekruipt je het gevoel dat de reisorganisatie een goede deal gemaakt heeft voor de kamerprijs en dat wij die deal voor de eigenaar moeten compenseren met de prijs van avondeten en ontbijt.
Maar stoppen met mopperen en terug naar de dag van vandaag. Een dag met zo'n 5 uur reistijd.
Eerst naar de plaats met de brandnetels, kort genoemd Chichi. Een plaatsje met een hele grote inlandse markt.
Maar eerst bezoeken we het kerkhof. De Maya's zijn echt een fan van reincarnatie, op de grafmonumententen staat dan ook de sterfdag, dit is tenslotte de dag waarop je hopelijk wat hoger in de voedselketen terugkeert.
Om dat proces te bespoedigen worden de diensten van sjamanen ingehuurd.
Deze mannen hebben een hotlink met boven en praten met behulp van vuur, kaarsen, rook, drank en sigaren je zo naar een hogere sociale klasse.
Het is toch wel indrukwekkend om deze ceremonieen te zien. Is niet mijn piece of cake, voorzover dat nog niet duidelijk is, maar iedereen heeft recht op zijn mening en gebruiken. Het wordt met overgave gedaan. Heb niet de indruk dat dit oplichters zijn, dit gedrag zie je erg veel bij mensen die in een hogere entiteit geloven.
We dalen weer af naar de stoffige wereld, het kerkhof ligt bewust wat hoger omdat het contact met boven dan minder energie zou kosten. Terug naar de mart dus.
Dit houdt in dat er naast de souvenirs ook echte marktwaar is. Het ritselt van de stoffen. Bijna iedere vrouw en veel van de mannen lopen hier nog in traditionele kledij. Kleurrijke lappen stof zijn dan de basis voor. Daarbovenop veel borduurwerk. Ook groenten, fruit, hardware als schoppen etc., ontbreken niet.
De kippenbussen voeren veel van dit aan, dus vind je ook kippen, eenden en andere (nu nog) levend have.
Bij een kruispunt op de markt is een goede koffietent, we kennen Igor's levensbehoeftes nu eenmaal. Van bovenop hebben we een mooi uitzicht op al het volk, traditioneel en westers, marktgangers en kooplui.
Na de koffie nog even naar een kerk, dit is een katholieke kerk met Maya-invloeden. Veel kaarsen en bloembladen. Mensen die als een soort sjamaan tot de een of ander godheid spreken, en opvallend veel mensen die op de knieën lopend van achter de kerk naar voren komen en ook zo weer terug gaan. Allemaal om die spirituele bovenwereld maar gunstig te stemmen.  
Weer de bus in. We stoppen bij een soort van berghut. Best een mooi en goed restaurant. Jammer van de pingpong muziek.
Deze werkt echt diarerend. Maar daar hebben ze dan een spiksplinternieuwe toiletunit voor gebouwd.
Verschil tussen mannen en vrouwen wordt met een poppetje aangegeven, die van de mannen verdenk ik van crossdressing, maar het kan ook traditioneel zijn.
We zij al eerder in dit restaurant geweest, toen heeft onze Belgische de zinnen op die poppetjes gezet, nu proberen we ze in ieder geval mee te nemen, maar ze zijn hier niet te koop en zitten spijkervast op de deuren.
Jammer maar helaas. Misschien heeft Igor een alternatief...
Dan weer door naar Antigua. We mogen met de bus niet tot de deur van het hotel komen. Antigua heeft Belgische bestrating uit de 17e eeuw, alles een grof soort kinderkopjes dus. De wieltjes onder de koffers gaan dit echt leuk vinden.
Hotel zelf heeft geen een dezelfde kamer, alles is anders van vorm, inrichting, kleur en grote.
De eerste kamer waar we in komen is kleiner dan de vorige, ook een klein bed en deze is aan twee zijden tegen de muur geschoven, ander past het niet. Amper plek voor de koffers.
We ruilen met Igor, maar daar werkt het sanitair niet. Uiteindelijk slapen we nu in een bezemkast in een ver hoekje van het hotel. Badkamer is klein, op het toilet zit je met je knieën tegen de muur, maar het werkt wel
In de kamer twee bedden, de koffers op de vloer en amper loopruimte. Dit verklaart ook een beetje de teneur in het begin van dit verhaal. Lichtpuntje is dat het donker is. Het is hier wat koeler en stil. Dat koeler is ook maar goed want de airco of vin ontbreken wederom.
Na de kamer-perikelen neemt Igor ons mee de stad in. In de eerste plaats om wat te vertellen over Antigua. Het is een redelijke tippel want het hotel ligt weer buiten het centrum.
Antigua is de oude hoofdstad van Guatemala. Ligt in de buurt van vulkanen. Deze komen weer voor op breukvlakken en dat alles is vrij actief. We zien rookpluimen boven de vulkaan. Antigua is verwoest tijdens een aardbeving. Madrid, Spanje voerde toen nog bewind, besloot toen de hoofdstad te verplaatsen en Antigua bleef in puin achter. Pas in de zeventiger jaren van de vorige eeuw werd het hot om in Antigua te wonen, schoner, geen bendes en toen nog goedkopere huizen.
Nu is het een stad voor de rijken en dat zie je ook aan de pooierbakken van auto's die hier rondrijden.
Igor leidt ons naar het centrale plein en laat ons daar los. Wie wil kan mee naar het Jade-museum.
Dit is eigenlijk een winkel, maar de presentatie die gegeven wordt geeft een goed beeld over jade, het voorkomen, de geschiedenis en het bewerken van het spul.
Kopen kan, maar is niet verplicht. Morgen is er een excursie waarbij ook een ambachtelijke jade winkel/werkplaats aangedaan wordt.
Het begint tegen zessen te lopen, tijd voor een glaasje met een parapluutje en wat te eten.
De prijzen vallen hier vies tegen ten opzichte van de laatste dagen.
Wordt een hamburger en wat spaghetti, daarna zoeken we onze bezemkast op.
We weten nu in ieder geval hoe Harry Potter zich gevoeld moet hebben.

bij de goden af

Nacht werd regelmatig onderbroken doordat enkele lokale hanen een battle aangingen.
Die beesten behoren toch de zonsopgang aan te kondigen? Nu hier zijn ze in ieder geval flink van slag.
Ontbijt is eigenlijk zoals het hotel, het is er, maar ook niet echt. Indruk zal ook wel te maken hebben met de doorleefde nacht.
Vandaag gaan we de boot weer in, hopelijk niet figuurlijk tijdens de marktsessies die er zeker aan komen.
Gids van vandaag heet Felix. Eerste stop is een dorpje genoemd naar de heilige Helena. We bezoeken het kerkje.
Dit is een tweede kerkje, het eerste is al vrij vroeg na de Spanjaarden aan een aardbeving ten onder gegaan, zo het meer ingeschoven. De nieuwe kerk is van 1500 of zo, de oude beelden zijn opgedoken en staan langs de kanten.
Het is grote schoonmaak, de banken staan op het centrale plein en de gehele kerk wordt uitgeveegd en schoongemaakt. Schijnt altijd na Pasen het geval te zijn. Na de kerk een bezoek aan het gezondheidscentrum. Een gebouw met diverse kamers voor een verloskundige, tandarts en huisarts. Deze komen hier op zijn hoogst enkele keren per week.
Als je echt iets mankeer, dan ben je hier de Sjaak. Eerst met een auto of tuktuk naar een steiger, dan een bootje in naar een grotere stad, dan weer in een auto of tuktuk en dan hopen dat ze je daar bv van je blindedarm af kunnen helpen.
We lopen via een vallei naar een ander dorpje, daar ligt de boot weer te wachten.
Felix neemt zijn tijd. Elke boom, plant, dier en vrucht wordt uitvoerig besproken. Het begint warm te worden.
Volgende stop is San Pedro. Dit is een wat groter stadje.
Hoogte punten hier zijn: koffietent, Maximon, lunch op de steiger, groepsfoto en dame die op de 25 quetzales-cent staat afgebeeld.
Misschien is dit iets te kort door de bocht.
Koffietent spreekt voor zich, het is warm, we hebben best een stukje omhoog en weer naar beneden gelopen. We hebben recht op een ijskoffie vinden we zelf.
Na de koffie lopen we met Felix naar een steiger waar we een lunch nuttigen. Alles vers en zo aan het meer. Dat smaakt naar meer kan ik u melden.
Dan de boot weer in, we gaan stiekem toch naar Santiago. Daar worden we met tuktuks naar een soort van tempel gebracht.
Nu is tempel een groot woord.
We gaan het over Maximon hebben.
De Spanjaarden brachten naast allerlei ziekten ook geloof mee. Om precies te zijn het katholieke geloof.
Deze jongens staan bekend om hun vermogen om inlandse ritten en gebruiken vlekkeloos om te buigen naar een van hun zelf.
Zo brachten ze een heilige Simon mee. Die werd min of meer gekruist met een Maya-god.
Nu was dat niet echt een lekkertje. De resulterende god/heilige Maximon belichaamd goed en kwaad ineen.
Deze godheid wordt door een beeld gesymboliseerd. Dit beeld huist ieder jaar in een ander huis, een gewoon woonhuis dus.
Het gezin neemt alle zorg voor dat beeld op zich, Maximon woont en houdt spreekuur beneden en slaapt boven.
Er is eigenlijk geen ruimte meer voor het gezin zelf.
Het spreekuur moet je zien als: Maximon staat in een halfduister kamer met kaarsen om zich heen. Er wordt regelmatig wierook of andere "aangename" geuren verspreid. Het beeld wordt aangekleed met lappen en stropdassen. Er is een priester die Maximon in een ononderbroken stroom woorden verzoekt om allerlei klusjes op te knappen voor de gelovigen. Deze gelovigen komen met geld, drank en sigaretten. Dit verdwijnt ook allemaal in de daarvoor bedoelde openingen in/bij het beeld.
En wat voor verzoeknummers kan Maximon allemaal uitvoeren?
Nu eigenlijk van alles. Als je een bloedhekel aan je buurman hebt en je wenst hem een hartaanval toe. Flesje rum, pakje peuken en wat geld en de priester vertaalt je wensen richting het beeld.
Ben je verliefd op de buurvrouw en daar moet wat mee gebeuren (misschien in combinatie met het eerste voorbeeld), Stukje wierook, wat inlands bocht, flinke sigaar en de priester vraagt Maximon om dit even te regelen.
Maximon is best commercieel, een foto van hem doet al gauw 20 roepie. Je geeft 100 en het wisselgeld komt uit een van de diepe zakken die zijn hemd heeft.
Zo heeft ie diverse tarieven, entree, filmpje, klein verzoek, groot verzoek
Perfect voorbeeld hoe het beste uit twee culturen kunnen samensmelten.
Dan op zoek naar een vrouw die die op het muntstuk van 25 centavos afgebeeld staat. Deze dame is echter niet thuis, zodat we door gaan naar het centrale plein met daaraan de kerk. Deze kerk heeft best een rol gespeeld in de burgeroorlog, die natuurlijk ook hier gewoed heeft.
De kerk gaf onderdak aan mensen die vervolgd werden. Dit bleef niet zonder slachtoffers, een van de priesters, notabene van Amerikaanse komaf, is voor deze zaak gestorven. Achter in de kerk wordt hier ruim gewag van gemaakt.
Voor de kerk staat ook een beeld van de 25 centavos. Dit muntstuk is hier belangrijk omdat de dame die hierop afgebeeld is een typische haarversiering draagt. Het is een lange band die als een soort hoederand om het hooft gewikkeld is.
We vinden een dame die ons het aanbrengen van die hoofddracht zal demonstreren.
Hierna is het tijd om met deze dame een groepsfoto te maken, dat is in al de tijd die we nu met elkaar doorbrengen nog niet gedaan.
Bijna de gehele groep staat op de foto. Een ontbreekt, maar die reist eigenlijk als een soort verstekeling mee. Doet aan geen enkele gezamenlijke activiteit mee. Beetje jammer voor zijn kamergenoot, kost hem toch een deel van het vakantiegevoel.
Hierna de boot weer in, waar wij tot de ontdekking komen dat we ondanks alle marktkramen en al het geleur nog geen enkele roepie hebben uitgegeven aan al die uniforme souveniers. Lijkt wel of China voluit gegaan is. Om de drie kramen vind je hetzelfde, kraaltjes, kleedjes en houtjes
Misschien vinden we nog wat leuks, maar in de boot genomen zijn we nog niet.
Nog een nacht in het kleine bed, kijken of de haan in de tussentijd in de soep gevlogen is.
.

over kippenbussen en roodhuiden

Het wordt een saai verhaal mensen, alweer vroeg uit de veren. We waren al ruim voor de wekker wakker, huisjes zijn gehorig en waarschijnlijk was een van de buurmannen ook erg vroeg op.
Wij hebben als stel een huisje, alleen reizende worden per sekse per twee in een kamer ondergebracht, je kunt dat voorkomen door een meerprijs te betalen. Bij ons is dat maar 1 man, er zijn 5 stellen en 5 loslopende mannen. Sommetje komt dus precies uit.
Waarom zo vroeg, nu we gaan vandaag een stukje vliegen, van Flores naar Guatemala-stad. Onze bus is eergisteren al vooruitgegaan. De vlucht is om 7:35, het toch best een stukje rijden dus we moeten wederom op tijd vertrekken.
Over de rit kunnen we kort zijn.
Het vliegveld zelf is klein maar bezit een redelijk restaurant. Onze Igor heeft geregeld dat dit al open is.
Normaal gesproken wil men onze ruimbagage doorzoeken op verboden items zoals schelpen, koraal en schildpadschilden. Het mannetje dat dit moet doen is nog niet aanwezig, en dus gaan de koffers zonder controle door.
Ontbijt was goed, wat beter was is dat de router van Igor ook aan stond, heb dus vanmorgen wat verhalen en foto's kunnen plaatsen.
Na ontbijt door de controle naar de gate, vliegtuig staat al klaar. Sterker, er boarden en vertrek is voor op schema.
We vlogen met een ATR van Avianca, een Colombiaanse firma. Daar kunnen bijvoorbeeld Air Italia en United nog heel wat van leren. Attent personeel en ondanks de korte vluchtduur, klein uurtje, toch een lunch box en wat drinken.
Ikzelf krijg stoel 19K toebedeeld. Verdeling is wel wat typisch 19A en C, dan gangpad, 19D en K.
Voor in het vliegtuig zijn erg riante plekken onbezet. Na een beetje smoezen met de stewardessen kan ik ook daar gaan zitten. Ruim plek voor de benen en een stoel voor de rugzak. Piloten zijn ook wel in voor een gebbetje, dus kleine rondleiding op de bok. Weliswaar op de grond, want veiligheid staat duidelijk hoog in het vaandel.
In Guatemala moeten we heel even wachten op de bus, er staat er wel een heel mooie, maar die zit niet in onze reis.
Dit soort bussen noemen ze ook wel een kippenbus. Dit omdat er van alles in vervoerd word. Je komt ze dus ook regelmatig tegen met levende have op het dak, net als de rest van de bagage. De bussen zelf zijn meestal meer dan bomvol.
In onze eigen Chinezenbus krijgen we van Igor een uitleg over het openbaar vervoer in deze contreien.
Kippenbussen zijn schoolbussen vanuit de USA die daar al de nodige vlieguren hebben gemaakt. Ze komen deze kant op, aangeschaft door kapitaalrijke personen. De bussen worden hier gepimpt, het interieur wordt aangepast, lees meer banken en minder ruimte, er komt een dakopbouw en de bus krijgt een vrolijk kleurtje.
Daarna gaan ze de verhuur in. Een chauffeur en zijn ayudante gaan de bus op een vast traject uitbaten. Hiervoor betalen ze een vaste vergoeding aan de eigenaar, betalen de brandstof en moeten uit de kosten komen door zoveel mogelijk mensen in hun bus te krijgen. Probleem is alleen dat zij geen alleen recht op de route hebben, er rijden meerdere van die bussen.
Gevolg is een keiharde strijd, de bussen gunnen elkaar de ruimte op de weg niet, rijden veel te hard en snijden regelmatig ander verkeer om maar als eerste bij een eventuele passagier te kunnen zijn. Dit alles om maar uit de kosten te komen en een redelijk loon over te houden. Naast dit alles worden deze bussen ook regelmatig overvallen vanwege het cash-geld en zijn er bendes actief die beschermingsgeld vragen.
Passagiers stappen overigens overal en nergens in en uit. De ayudante klimt al rijdend het dak op om eventuele bagage, waaronder manden met kippen en eenden, groenten etc. naar beneden te gooien zodra de bus stil staat.
De bus stopt ook doodleuk op de rijstrook van de grote weg, in dit geval de Pan American Highway.
Gevolg is dat men zich hier een wat vreemde rijstijl heeft aangemeten. Doorgaand verkeer rijdt in het algemeen op de linkerhelft van de weg, ingehaald wordt er op de rechterhelft. Dit komt ook omdat de rechterweghelft echt heel slecht is.
Geld voor onderhoud verdwijnt bij voorkeur in de zakken van de politici en andere types die al teveel geld hebben.
Corruptie houdt dit soort landen in zijn greep en verhinderd elke vooruitgang zolang de grootbezitters dit niet zien zitten.
Openbaar vervoer is ook zoiets. Dit wordt in principe geregeld door de kippenbus en de tuktuks. In een ver verleden is er een spoorweg geweest, maar die werd alleen als melkkoe beschouwt. Geen onderhoud, op enig moment besloot een president het materiaal allemaal maar te verkopen als schrot, leverde hem meer op dan het in stand houden.
Maar goed, de reis vandaag gaat naar Indianengebied. Een Maya-gids legde ons enige tijd geleden uit dat de Maya's zich ook roodhuiden noemde.
Indianen en Maya's zijn aan elkaar verwant. Deze populatie is in een ver verleden over de toen nog bestaande landtong tussen Rusland en Alaska het continent in getrokken.
Deze mensen hebben een Mongoolse oorsprong, de huidige Indianen zijn nog steeds kleine mensjes met ander trekken dan wij hebben. Ze lopen voor een groot deel nog in traditionele kledij. Dat heeft natuurlijk ook met de toeristen te maken.
We worden echt overal belaagd door vrouwtjes en kinderen, die allemaal dezelfde waren aanbieden. Men vraagt er belachelijke prijzen voor. Afdingen is echt hard nodig, en wordt ook hard gespeeld.
In het begin wel leuk, maar op een gegeven ogenblik begint dat geleur echt stront vervelend te worden. Zelfs tijdens het eten blijft men hardnekkig waren opdringen. Zouden ze nu echt niet in de gaten hebben dat ze hun eigen glazen ingooien op die manier.
We worden zo ook aangesproken door kleine apen, 8 tot 10 jaar oud. Ze gedragen zich echter al doorgewinterde zakenmannen.
Hoewel, ze trekken als een front op, maar als er iets verkocht wordt is dit front opeens gebroken en staat er een sip te kijken. En dat terwijl hij het meeste van de onderhandelingen voerde, hij sprak al een redelijk woordje Engels.
Hotel in Panajachel is eenvoudig, kleine kamer, klein bed, geen ventilator. Ligt wel op loopafstand van het meer van Atitlan. Dit meer is ontstaan nadat er een vulkaan ontploft is. De krater heeft zich met water gevuld. Ding is 12 bij 8 km, best groot dus. Aan dit meer liggen 3 andere vulkanen, maar die zijn door de continue aanwezige waterdamp niet te zien.
Het meer en de dorpjes rondom het meer gaan we morgen verkennen, voor nu bezoeken we het plaatsje zelf.
Omdat we nog wel enkele dagen in Guatemala blijven besluiten om wat lokale roepies, Quetzales, aan te schaffen.
Dit valt om de dooie donder nogal niet mee. De geldautomaten weigeren stelselmatig om onze pasjes te erkennen.
Als het met een hoop overredingskracht dan eindelijk gelukt is, spugen die dingen alleen biljetten van 100 uit.
Geen schokkende hoeveelheid, 100 quetzales komt overeen met 11 Euro, maar toch te veel om op de straat of op een markt iets te kopen.
Bij de gratie god kunnen we bij een bank wel 200 van die roepies omwisselen in kleinere coupures.
Maar we hebben geld en morgen lonken de markten...
Eten doen we bij een Uruguayaans restaurant. Echt een verademing, de cocktails bevatten eens voor de verandering alcohol in plaats van limonade, de bestellingen komen snel en compleet op tafel.
Een stel besteld gezamenlijk een salade en een burger, tot onze verbazing worden zowel de salade alsook de burger verdeeld over 2 borden geserveerd. En dit zonder vragen. Vlees is goed, garnituur bestaat uit gekookte aardappel, bietjes, wortel en sperzieboon, alles beetgaar. We zijn na bijna 4 weken Midden-Amerika echt onder de indruk.
Voeg daarbij dat er twee gitaren en bijbehorende stemmen zoetgevooisde muziek maken, ik weet denk wel waar we morgen eten.
Plaatsen van deze aflevering zal wel weer op een andere datum/plek gebeuren. Internet is hier zwak en zeer wisselend.
Wij gaan ons bedje in. Hebben signalen afgesproken zodat we tegelijk omdraaien om te voorkomen dat we eruit vallen.
Ben benieuwd wat deze nacht ons gaat brengen.


Stenen, stenen en nog eens stenen (2 dagen)

We zitten nu in Tikal, een ecco-lodge noemen ze het. Kleine huisjes in een parkachtige omgeving, dat vervolgens in de jungle gesitueerd is. Allerlei rare geluiden dus.
Maar even terug naar de reis van Caye Caulker naar Belize naar Tikal.
Er stonden in Caye Caulker wel erg veel mensen te wachten op de ferry van 8:00. We werden in een extra bootje gedirigeerd.
Wel apart, moesten we in de grote zwemvesten aan in een dichte omgeving, zo zitten we hier zonder zwemvesten, ook niet in het zicht, in een open bootje. Bootje gaat natuurlijk weer 50a 60 km/uur over het water. We nemen een iets ander route, wat meer beschut.
Halverwege de tocht komen we een ander bootje tegen, we minderen vaart en laten die langszij komen. De Captains wisselen hier van boot. Ieder blijft zo lekker op zijn eigen stukje grond.
Overtocht ging voor de rest voorspoedig. Onze bagage past niet in dit bootje, die komt met de grotere. In Belize moeten we dus wel enige tijd wachten op de bagage. De bus uit Guatemala staat bij de grens. Dus we overbruggen die afstand met een lokaal gehuurde bus, aanhangwagen voor de bagage. De chauffeur probeert de extra wachttijd die we opgelopen zijn door de bagage in te lopen. Tenminste dat hoop ik maar, anders heeft hij wel een erg sportieve rijstijl.
Grensformaliteiten verlopen redelijk vlot vandaag. Transfer naar onze China-bus en we zijn weer onderweg.
Onderweg kom je, maar dat was ook al in Belize, redelijk wat verwijzingen tegen naar Maya-sites. Tikal ligt midden in de bush, geen telefoonbereik, geen stroom en water, geen internet, alles moet zelf geproduceerd worden.
Onderweg stoppen we voor een lunch en om wat voorraad in te kunnen slaan. In de stopplaats is vandaag geen stroom. De kaart is dus beperkter.
We rollen het park binnen, doen een koffie in het koffiebarretje in het ontvang-centrum. Dit apparaat werk met gas voor verwarming en handkracht om de waterdruk voor bijvoorbeeld een espresso op te wekken.
Energie is hier maar op beperkte tijden, dus dan is er ook stromend water.
Voor de rest is het ok, er is een bar, een restaurant, een fan op de kamer en een eigen douchecel.
Het lijkt er zelfs op dat we de bron van het internet ontdekt hebben, er staat een wegwijzer met dit erop tenminste.
Valt in de praktijk echter heel erg tegen
We zijn vandaag om 6:00 het park ingegaan. Wekker stond dus weer op tijd, alleen worden we wakker in een donkere omgeving.
Geen licht, geen water, geen fan voor de koelte. Langzamerhand wordt het lichter. We verzamelen voor het hotel en gaan gezamelijk met een gids het park in.
Zoals normaal veel uitleg, veel bomen en beesies, maar de huisies komen ook aan bod. In dit geval de tempels, pyramides en paleizen uit de Maya-periode hier die duurde tot ongeveer het jaar 900 volgens onze jaartelling.
Het is wederom achterlijk hoe bezig die Maya's geweest zijn. Het complex ritselt van de structuren. En als je dan ook nog eens beseft dat men er ook een handje van had om om de zoveel jaar er een nieuw gebouw overheen te bouwen, is het echt een indrukwekkende prestatie geweest.
Ook indrukwekkend zijn natuurlijk onze prestaties, we hebben twee bouwwerken beklommen, om vervolgens of foto’s te maken, of om naar een concert van brulapen te luisteren. Wat kan een zo'n alfa-mannetje een herrie produceren op niets af.
Zijn diverse huidige politici van faam die daar nog zeer jaloers op kunnen zijn.
Maar aan alle het moois komt een eind (gelukkig;>) De gids is tot 10 uur betaald en zo laat nemen we ook ongeveer afscheid van deze man.
Terug bij het huiske een koude cola in de hangmat. Is ook een erg mooi moment kan ik je vertellen, zeker vanwege de drukkende warmte alhier.
Daarna een verlaat ontbijtje en dan gaan wij naar het andere hotel. De onze heeft namelijk geen zwembad. Het hotel hiernaast wel, en er zit ook een grote groep van Sawadee.
We vallen met ons neus in de boter, men houdt hier Happy hour vanaf 11:00 tot 17:00. Kijk daar houden wij dus ook van.
Ergens laat in de middag komen we verfrist en voldaan terug in ons eigen verblijf.
Straks wellicht de zonsondergang in het park zien, maar ik denk dat de kans daarop steeds kleiner wordt. We hebben de zon al zo hier en daar achter de einder zien verdwijnen. Vermoedelijk doet ie dat hier ook.
Morgen gaan we naar Flores, daar wacht ons een vliegtuig, dat om 7:35 richting Guatemala-stad vertrekt. Vanuit daar gaan we met onze bus, die alvast vooruit gereden is, naar Panajachel. Verwachte aankomst daar is halftwee.
Maar oplettende en goed geïnformeerde meelezers zullen denken. Vliegtuig, minimaal 2 uur van te voren inchecken?
en: Hoe ver is het rijden vanuit Tikal naar Flores.
Nu de wekker morgen zal omstreeks 4:00 staan. Vandaar ook het geringe animo om nu nog de warmte in te gaan om een zon onder te zien gaan.
U bent weer bij voor vandaag en gisteren. Sterker, er is al een deel van de activiteit van morgen verklapt.
We komen elkaar nog tegen op dit blogje

Tot lezens.

Waterpret (2dagen)

Vandaag dus het snorkelfestijn. We zijn met elven en hebben een privé tour. Dit houdt in dat we een uurtje voor de reguliere boten op de snorkelplekken zijn.
Ontbijt bij de Cubaan, de man wilde ons gisteren al naar binnen smoezen maar het was daar een ongelofelijke tering herrie van de sportbar ernaast. Een beetje rekening met elkaar houden zit er in deze cultuur geloof ik niet in.
Daarna door naar het snorkelkantoortje, vinnen passen. Masker en snorkel hebben we zelf bij ons.
Klein stukje lopen naar de boot, waarop we door een leuk stel begeleid gaan worden.
Sommige van de reisgenoten hebben nog nooit gesnorkeld, die worden wat geholpen. Uiteindelijk ligt bijna iedereen in het water.
De gids zwemt voor, zijn vriendin zwemt als laatste. Gids stopt regelmatig, duikt of wijst dan naar beneden en verteld wat daar te zien is/was. We komen langs allerlei vissen, wat murenes, een haai en veel, heel veel koraal.
Dit was best effe zwemmen. Volgende stop is een plek waar de roggen en verpleegsterhaaien al op af komen als ze de motor van de boot horen. Ze worden gevoerd met wat sardines, wij mogen de boot uit, de roggen zwemmen gewoon langs je heen, een apart gevoel. De verpleegsterhaaien hebben naar schijnt geen tanden, dus daar hebben we ook niets van te duchten.
Voeren van dieren in het wild is eigenlijk not-done, maar stiekem is dit toch wel erg leuk. De boot weer in en naar een plek waar het koraal redelijk ondiep is. je kunt er dus erg makkelijk over en omheen snorkelen. Hier en daar zelf gewoon naast staan. Koraal hier zijn net een soort van eilanden in een zandwoestijn, al het leven concentreert zich dan ook daarop.
Na deze stop is het over met de waterpret, nu gaan we naar een plek waar tarpans veelvuldig voorkomen, grote vissen.
Hier is de attractie om een sardine tussen duim en wijsvinger te houden op zo'n meter van het wateroppervlak. De tarpans zwemmen onder de boot door en springen uit het water en pikken de sardine in.
Anneke denkt een foto te maken van zo'n actie, een tarpan denkt dat de camera ook een sardine i  s....  Hilariteit dus.
Er komen hier ook pelikanen voor, die zijn ook bijna handtam, een van die gevallen komt zijn rantsoen aan vis ophalen.
Na een tiental sardines geofferd te hebben aan de tarpans en de pelikaan, is het tijd voor de laatste stop.
Hier hebben ze een soort van voerplaats/kraamplaats voor zeepaardjes gemaakt. Achterlijk hoeveel van die diertjes daar rondhangen. Ik kan ze eigenlijk alleen maar van Lanzarote, en je was dan erg lucky als je het diertje überhaupt spotte.
Hier kijk je en zie je er allengs steeds meer. Ze gaan bijna naadloos op in de achtergrond.
Dit is ook het einde van de tour, de bootmeneer zet ons af op de stijger van het hotel. Hou luxe kan je het regelen!!!
De middag wordt gevuld met een erg late lunch, een wandeling door de de woonplaats hier.
Alle vertier is eigenlijk aan en tussen de hoofdstraat en het strand. De locals wonen aan de andere kant.
Nog even mijn duikuitrusting voor morgen regelen.
Het leven hier is traag, erg traag, dit geldt voor letterlijk alles, afspraken, bewegen, maar ook voor de snelheid van bedienen en reageren in restaurants. Op sommige plekken staan er zelfs bordjes met een waarschuwing.
Omdat het allemaal zo slow is voeg ik dag 2 op Caye Caulker hier samen met dag 1. Er gebeurd niet zoveel anders hier.
Zelf ga ik dus duiken, moet me om 9:00 melden. Daarvoor moet er ontbeten worden, dat gebeurd bij een Nederlands dame die al vanaf 6:00 haar ontbijtzaakje open heeft. Ze woont al een jaar of 15, klein begonnen en nu eigenaresse van een drukbezochte onbijtzaak. Service is goed en snelheid is onwerkelijk in het licht van de go-slow mentaliteit hier.
Voor het duiken moeten we met een speedboot naar het andere eiland, San Pedro. Is eigenlijk een schiereiland dat deels aan Mexico vast zit. Groep bestaat uit 8 duikers, twee knapen uit Duitsland, een dame uit Nieuw-Zeeland, een Canadees, en de rest is Amerikaans.
Eerste duik is een driftduik, de boot gooit ons eruit, we wachten aan een touw tot iedereen in het water ligt, we dalen af en worden door de stroming langs en door van alles geleidt. Koraal vind ik hier niet echt bijzonder, wel leuk zijn de canyons waar we doorheen zwemmen. Buit tijdens deze duik, diverse haaien (black tip, Caribean reef en verpleegster), schildpad en een mureen. Diepte rond de 28 meter. Duiktijd voor mij zo'n 40 minuten, er zitten dan al 5 man in de boot.
Als de lucht op is gaan de diverse duikers naar boven, waar de boot ze oppikt. De gids zwemt met een boei zodat de boot ons kan volgen.
Oppervlakte interval wordt op San Pedro in een eettentje gedaan.
Tweede duik is wat ondieper, buit hetzelfde, maar hier laten de verpleegsterhaaien zich gewoon aaien, aparte sensatie.
Duiktijd is hier het afgesproken maximum van 45 minuten, diepte tegen de 20 meter.
Meest volk aan boord is erg jong, hebben gisteren heftig gefeest. Er zijn er dan ook enkele die regelmatig de vissen op een alternatieve wijze aan het voeren zijn. De golven zijn redelijk en de boot gaat bij tijd en wijle ook goed te keer.
Zo zeer dat wij af en toe wat luchttijd hebben met een harde landing.
Terug in Caye Caulker logboeken invullen, wat gegevens uitwisselen en dan terug naar het hotel.
Wat vond ik van duiken in deze omgeving: om eerlijk te zijn, er zijn mooiere spots, het kan niet tippen aan bv de Rode Zee.
Wat wel leuk was, en dat verklaart de deelname van de jongeren, zijn de haaien. Ongevaarlijk, maar wel HAAIEN.
Caye Caulker is eigenlijk in zijn geheel een beetje een trendy feesteiland. Vond het leuk om gezien te hebben, maar we gaan morgen richting Tikal, wat oude Maya-cultuur opdoen.
Eten deden we in een leuk tentje, op een soort van verhoogde veranda. We werden binnengezogen door een leuk stukje muziek.
Er speelt daar een man gitaar en zingt er niet onverdienstelijk bij. Heerlijke muziek uit onze tijd zeg maar.
Blijkt ook wel want na een van de nummers vertelt de man dat het uit 1966 komt en dat hij toen 9 jaar oud was.
Op het moment dat we willen afrekenen valt de elektriciteit op het eiland uit. De man schakelt onverstoorbaar over op een accuvoeding. Kijk daar houdt ik nu van, altijd een back-up-plan. Bij de man hoort een dame, zij hoort ons Nederlands praten, zij blijkt ook Nederlandse te zijn, haar partner is Belgisch van geboorte, maar opgegroeid in de USA. Zij zijn nu een jaar of 5 op dit eiland. Zij heeft economie gestudeerd, een eigen bedrijfje in Nederland en adviseert vanuit hier startups, schrijft daar ook de bedrijfsplannen voor. Wij praten wat over onze vakantie. Volgens haar gaan we de mooiste dingen nog zien. We krijgen wat tips en adressen van haar mee.
Over back-up plan, ondanks het feit dat het elektriciteit net plat ligt kunnen we toch met onze creditcard betalen.
Ook hier heeft men een accu en mobiele telefoon voor.
Voldaan en ontspannen lopen we door de verduisterde hoofdstraat naar het hotel, genietend van de sterrenhemel.
Bij het hotel aangekomen staat Igor buiten te wachten. Binnen is het donker, de airco werkt niet meer.
We wisselen wat zaken uit die we van de dame gehoord hebben.
Nu nog wat tikken, zolang de laptop nog energie heeft. Kijk wel wanneer dit geplaatst kan worden.
Tikal heeft bv maar stroom tot een uur of tien.
Sla dit op en zet de wekker voor morgen.
Onze reisleider wil ons om 7:30 op de boot hebben, daarvoor moet de koffer ingeleverd zijn en moeten we ontbeten hebben. Gelukkig weten we waar dit kan gebeuren.
Schema: boottocht naar vaste land, klein uurtje. Bustocht naar grens, 2.5 uur. Grens is onbepaald. Dan alles in onze bus uit Guatemala en dan naar Tikal. Onderweg een lunch met zwemgelegenheid. Verwachte aankomsttijd in Tikal ergens tegen halfvijf.
Het gaat u allen goed..

PS, zojuist weer op het vasteland in Belize gekomen. Igor schetste ons het beeld van de komende dagen.
Bijna geen stroom alleen van 18:00 tot 21:00, geen Internet. Ik ga proberen dit verhaal nog in de bus te plaatsen, zo niet dan hoop ik dat jullie niet al te grote afkickverschijnselen krijgen. Volgende kans wordt pas weer in Guatemala-stad. Foto’s gaan nog volgen.





Engelse streken

Een april, kikker in je bil, bij ons is het is echter geen grap, we staan om 3:45 naast ons mandje.
De gehele nacht heeft de discotheek doorgedreund, ze stoppen als wij ons klaar maken voor vertrek.
Dit was een leuk verblijf, maar ook niet. Waarschijnlijk hebben we het niet getroffen met de tijd, paasweekend, dus veel mensen die vrij zijn. De nieuwe rijken, ook hier, komen hier schaamteloos vertier zoeken, en dat is niet altijd compatibel met onze wensen.
Maar goed, 4:15 staat thee en koffie klaar, Lupa is eigen verantwoordelijkheid. 4:30 stappen we de bootjes in, en ergens tegen 5 uur rijden we weg richting Belize. We hebben een lange reisdag voor de boeg.
Wat valt erover reizen met een bus te melden.
In het donker is het eigenlijk doodeng, allerlei medeweggebruikers die of geen of te veel licht voeren. Om de haverklap een soort van verkeersdrempels.
Als het licht is, glijdt het landschap langs je heen, net te snel om het op een foto vast te leggen.
Stops zijn in het algemeen bij tankstations, onze Igor heeft die geselecteerd aan de hand van twee criteria: Schoon sanitair en Goede koffie.
We moeten voor 12:00 bij de grens met Belize zijn. Regeltjes...
Schijnt dat de bus na 12:00 Belize niet meer in mag. Dit omdat de bus om 18:00 uur weer terug in Guatemala dient te zijn. Mag hier niet blijven.
Pesterijtjes onderling. De beide landen claimen beiden land. Weer een gevalletje van Engelse bedonderij.
In het kort, koloniën waren allemaal Spaans, de Engelsen pakken een stuk kust en exploiteren dit (lees kappen al het hout). Vragen vervolgens aan de Spanjaarden, kunnen we nog wat plunderen. OK zeggen de Spanjolen, tenslotte hebben wij genoeg land om te plunderen. Maar men zet niets op schrift
Wordt zo nog eens gedaan en voilà: daar is een compleet nieuw landje: Brits Honduras oftewel het huidige Belize. Nog steeds onder de bescherming van de Engelse kroon.
Guatemala probeert de landsituatie rechtsgeldig te krijgen, maar Belize werkt niet echt mee. Gevolg pesterijen onderling en waarschijnlijk een gang daar het Internationaal gerechtshof in Den Haag. Dat wil zeggen als Belize meewerkt en die vinden de huidige situatie best zo.
Kijk dat soort weetjes leren wij onderweg van Igor.
Maar we zijn gelukkig op tijd bij de grens, en je raad het al: weinig tot geen medewerking. Gevolg, lang in de brandende zon staan wachten tot we of ons paspoort mogen laten zien, of tot we de bus in Belize mogen gaan gebruiken.
Er komt een jongetje de bus in, een door Belize verplichte gids. Hij vertelt in slecht Engels wat weetjes, vraagt of er nog vragen zijn en daarna neemt Igor het weer over.
Naast 12:00 is ook 16:00 een magische tijd. We dienen een boot te halen in Belize City richting Caye Caulker, want daar gaan we 3 nachten en 2 dagen uitrusten.
Maar onderweg wordt weer eens gestopt om onze lunch, voor sommigen zelfs het ontbijt, te nuttigen.
De boot wordt gehaald zoals al vermeld, sterker er wordt een extra bootje voor ons ingezet.
Bootje kan zo'n 30 man herbergen en schiet met een vaartje van 55 km/uur over het water, tochtje duurt een klein uurtje.
Het eiland is niet zo groot, klein zelfs, nuttig oppervlak zeg 1 bij 5 km. Maar wel volgepakt met hotels, (vr)eetgelegenheden, supermarkten en bureautjes waar je activiteiten kunt boeken.
Wij gaan morgen dus snorkelen. Ik wilde eigenlijk gaan duiken, maar dit is net even te kort dag om nog te kunnen regelen. Duikschool waar ik aanklop zit morgen al vol en de volgende is eigenlijk gesloten, kan wel mee maar de prijs staat mij danig tegen, heb nu voor overmorgen geboekt.
Eten doen we bij de Happy lobster, de zeekreeft is waarschijnlijk happy omdat er momenteel geen kreeft gevangen mag worden. Het seizoen is over.
Blijft dus bij vis, op creoolse wijze. Pittig, maar wel erg smakelijk.
Daarna terug naar de kamer, verhaaltjes plaatsen en een nieuwe aflevering schrijven, gaat al met al best veel tijd in zitten.
De dagen zijn best erg vol en het schiet er af en toe bij in. Daarnaast is het Internet ook niet overal even goed.
Loopt nu tegen elven, de dag is wat mij betreft lang genoeg geweest. De meelezertjes zijn weer bijgepraat, ik ga slapen.
Tot morgen...




Te water

tsja weer een dag, deze begint met een klein maar redelijk ontbijt. Daarna de boot in.

Vandaag staat Livingston op het programma, en dit is voor ons bereikbaar door een 40 km met een boot te reizen.
Onder ons enkele enthousiaste bootmensen, voor hen kan deze dag nu al niet stuk.
Boot is een boot met 6 rijen banken en een buitenboordmotor van voldoende paardenkrachten, 100 zit je zo maar op.
Gevolg is dus een ritje met een snelheid van 40 km per uur. Heen is het programma gevarieerd, we kijken bij een fort, we kijken bij aalscholvers, mangrovebos, waterlelies, pelikanen, rotsen en we bekijken het menu van het restaurant voor de lunch. Zodra we ergens stil liggen worden we belaagd door kleine kano’s met moeder en kind, die ons allerlei souvenirs aanbieden. Sinds de wandeling van Geert kijken we daar toch met een beetje schuldgevoel naar. Het is tenslotte een alternatieve economie, geld voor dienst.
Na een uur of twee bereiken we Livingston. Dit is van origine een nederzetting met afstammelingen van Garifuna-slaven.
Origineel afkomstig van st Vincent. Daar waren ze door de Engelsen te werk gesteld, op enig moment waren de Engelsen ze op de een of andere manier zat. Alle mannen werden vermoord en de vrouwen en kinderen op twee wrakke schepen gezet en afgeduwd.
Ze dobberden aan deze z.g. Mesquito-kust aan, en toen de jongens en meisjes oud genoeg waren, ontstond er een nieuwe gemeenschap.
De geschiedenis herhaalt zich min of meer. Alleen nu geen moord en uitzetting, maar verdringing en armoede.
We ontmoeten een praatgrage man die Pollo genoemd wordt. Pollo heeft naar eigen zeggen gestudeerd in de USA, muziek en milieu. Hij is diverse malen in Nederland geweest om op universiteiten de status van zijn volk toe te lichten.
De "Maya's" zoals Pollo alle latino’s noemt, zijn naar Livingston gekomen en hebben alle commercie en goede plekjes ingenomen. De zwarten restte wat schamele houten hutten, die dan ook bij iedere tornado uit elkaar lagen.
Nederland heeft daar een project gestart om stenen huizen neer te zetten, en Pollo toont ons dat graag.
Er is een school in aanbouw, maar de geldstroom is opgedroogd. Kinderen krijgen hier regelmatig een maaltijd aangeboden.
Voor wat hoort wat, dus we laten wat geld achter bij Pollo. Hopelijk komt het goed terecht, anders hebben wij een alternatieve blik op origineel Livingston gehad.
Terug naar huis, dat gaat nu in een rechte lijn. Wel de stop voor de lunch, waarbij we een authentieke vissoep eten. Erg smakelijk.
De middag wordt in luiheid doorgebracht, liggen, typen, beetje slapen. Gisteren werden we tot 3 uur s'nachts geteisterd door een discotheek. Het gestamp klonk over de, ook al rumoerige, Airco uit.
Morgen naar Belize, een er lange dag. De koffie en thee staan vanaf 4:15 klaar, de bootjes om naar de bus te komen zijn er om 4:30.
We nemen onze rust dus nu nog even.